Sluiten begraafplaats

Onderwerp: Administratie

Vraag:

Mag het kerkbestuur de begraafplaats zonder meer sluiten en zo ja, is de gemeente dan wettelijk verplicht het onderhoud en de werkzaamheden van de begraafplaats over te nemen.

Antwoord:

Uw eerste vraag kan bevestigend worden beantwoord. Het kerkbestuur is inderdaad gerechtigd de begraafplaats te sluiten weliswaar onder de voorwaarde dat bestaande rechten worden gerespecteerd. Uiteraard zal zij daarover eerst op een behoorlijke wijze met haar leden hebben gecommuniceerd. Ingevolge de Wet op de lijkbezorging wordt het sluitingsbesluit  z.s.m. medegedeeld aan burgemeester en wethouders.Indien op de begraafplaats gedurende tien jaar geen begraving heeft plaats gevonden, kunnen burgemeester en wethouders de begraafplaats gesloten verklaren.Uw tweede  vraag is moeilijker eenduidig te beantwoorden.Hier heeft de burgemeester een verantwoordelijkheid op grond van de Wet op de lijkbezorging. Hij is gehouden erop toe te zien dat de Wet , in dit geval door het Kerkbestuur, wordt uitgevoerd. Bovendien is de burgemeester er in elk geval voor verantwoordelijk dat er de mogelijkheid is de overledenen te begraven.  U vraagt met name of de gemeente verantwoordelijk is voor het onderhoud van de gesloten begraafplaats. Daarover is in de Wet niets terug te vinden. Wij neigen  er dan ook toe te stellen dat dat niet het geval is.Maar wij adviseren u daarover met de gemeente te overleggen. Afhankelijk van bijvoorbeeld de cultuurhistorische  waarde van kerk en begraafplaatskan er wellicht sprake zijn van een algemeen belang voor de plaatselijke gemeenschap.In dit verband wijzen wij er op dat er in den lande her en der stichtingen zijn die, soms met subsidie van de gemeente of ander partijen , met succes begraafplaatsen onderhouden. Het simpele feit dat uw stichting geen eigenaar is van de begraafplaats is in onze ogen daarvoor geen belemmering. Het is natuurlijk wel zaak een goede schriftelijke overeenkomst te maken.U kunt desgewenst ook de website www.uitvaartbranche.nl raadplegen.

Jo Beltman
20 november 2009